Archief | Veggie RSS feed for this section

Garden gourmet: wok met groene asperges en pittige szechuan saus

30 mei

Onze eerste maaltijd met Garden gourmet besloot ik te opteren voor de een gerecht waar de echtgenoot sowiso van zou houden en waar de vegetarische reepjes niet zo zouden in opvallen.
Een voorzichtige stap dus voor hem.
Omdat ik een beetje bang was voor de smaak van de reepjes ging ik voor een lekkere pittige woksaus met een van mijn favoriete pepers namelijk szechuan peper. En met groot succes.
Naar mijn mening hebben de reepjes echt wel een stevige smaakbom nodig want anders smaken ze nogal flauwtje. Maar in dit gerecht zijn het echte toppertjes! Omdat het ondertussen volop asperge seizoen is en ik de crunch van een groene asperge niet te versmaden vind werden zij de ideale begeleiders.

INGREDIËNTEN


1 eetlepel szechuan peperkorrels
2 eetlepels plantaardige olie (ik gebruikte maisolie)
2 eetlepels geraspte gember
1 eetlepel geraspte knoflook
1 ui, fijngesnipperd
1 bussel groene asperges, geschild en ontdaan van hun kontjes (als je jonge groene asperges hebt hoeft het schillen zelf niet te gebeuren.) Je snijdt deze best in drie stukken.
1 handje vol babymais
1/2 rode paprika in blokjes gesneden
2 eetlepels sojasaus
3 eetlepels sherry
1 eetlepel chilipasta (Je kan dit vervangen door harissa of een fijngesnipperde spaanse peper)
3 lente uitjes
Zout
1 pakje vegetarische stukjes van garden gourmet
Gekookte noedels naar smaak 


Zet een klein pannetje met een antikleeflaag op een middelhoog vuur en laat de pan goed warm worden.
Wanneer het pannetje erg warm is voeg je de peperkorrels toe. Deze peperkorrels gaan we roosteren om een lekkere smaak te verkrijgen.
Om de korrels niet te laten aanbranden kan je best regelmatig met de pan schudden.  Van zodra de peperkorrels lekker beginnen te ruiken mogen ze af het vuur en in een vijzel.
Stamp met een vijzel de korrels tot een fijn poeder.
Strooi dit peperpoeder samen met een beetje zout over de vegetarische stukjes.

Verwarm op een hoog vuur ondertussen je wok met de olie in.
Wanneer de olie goed warm is voeg je de gember, de knoflook en de ui toe en laat je alles even kort bakken.
Voeg nu de vegetarische reepjes, de asperges,  de paprika en de babymais toe en laat kort even meebakken.
Giet de sherry, de sojasaus en de chilipasta erbij en meng alles goed door elkaar.
Roerbak alles tot de groenten al dente zijn en voeg dan nog kort de lenteuitjes toe.

Ik serveerde dit met noedels die ik onder de wok op het laatste moment schepte.

 

Smakelijk!
 

Spinazierisotto met geitenkaas

11 apr

Trouwe lezers zullen ondertussen wel al doorhebben dat wij nogal houden van een lekkere risotto op tijd en stond. Verder dan de traditionele risotto en een zeer geslaagd experiment met bospaddenstoelen geraakte ik echter niet. Tot ik een hele zak verse spinazie scoorde op de markt tegen een belachelijk lage prijs.
Lekker en vegetarisch! (Hoewel ik een beetje valsspeelde door kippenbouillon te gebruiken, maar echte veggie’s kunnen deze natuurlijk altijd vervangen door groentenbouillon!)

 

INGREDIËNTEN VOOR 2 PERSONEN

160 gram arborio rijst
2 koffielepels boter
2 koffielepels olie
2 fijngesnipperde sjalotjes
2 fijngesnipperde teentjes knoflook
100 ml droge witte wijn
2 eetlepels verse geitenkaas
40 gram Parmezaanse kaas
400 gram verse spinazie
1 liter bouillon naar keuze
peper, zout en nootmuskaat

Verse spinazie is een zeer delicate groenten waar eigenlijk nog best veel vuil aanhangt. Vul daarom eerst je wasbak in de keuken met koud water en voeg dan pas de spinazie toe. Was hem voorzichtig, zodat je de blaadjes niet kneust en laat hem dan minstens een half uurtje uitlekken.

Smelt in een stevige pot de boter op een middelhoog vuur en fruit hierin de sjalotjes tot ze glazig beginnen te zien. Voeg daarna de rijst toe en schep alles goed door elkaar. (Eigenlijk zou elk rijstkorreltje een laagje ‘vet’ rond zich moeten hebben.)
Voeg nu de witte wijn toe en roer tot de wijn bijna volledig verdampt is. Voeg nu een kopje bouillon toe. Om een lekkere risotto te krijgen moet je eigenlijk het volgende proces volgen: roeren – vocht toe voegen – roeren – roeren – vocht toevoegen – roeren – roeren – vocht toevoegen – etc…
Pas wanneer bijna alle vocht verdampt is voeg je nieuw vocht toe. Het kan zijn dat je niet alle bouillon opgebruikt. Risotto maken is een kwestie van roeren, bij je rijst blijven en op stoppen wanneer de rijst net gaar is.

Verhit in een wok ondertussen de olijfolie en fruit hierin de teentjes knoflook. Voeg nu de spinazie toe en roerbak tot de spinazie volledig geslonken is. Schep de spinazie nu in je blender, kruid met peper, zout en nootmuskaat en mix alles fijn. (Dit lukt eventueel ook met een goede staafmixer en anders manueel met een erg scherp mes en wat uithoudingsvermogen.)

Wanneer de rijst klaar is voeg je de Parmezaanse kaas, de spinazie en de geitenkaas toe aan. Schep alles goed onder elkaar, zodat alles goed gemengd is en laat ongeveer een drietal minuutjes rusten. Serveer met eventueel nog een klein beetje Parmezaanse kaas bovenop de risotto.

Indiase week: limoenrijst en mangochutney

28 nov

Als laatste gerechtje voor het Indiase etentje deel ik graag met jullie mijn recept voor limoenrijst.  Limoenrijst is een veel gebruikt Zuid Indisch bijgerecht dat heerlijk fris is bij een pittige curry. Nog lekkerder wordt de rijst als je hem serveert met een beetje yoghurt en een schep mango chutney!

INGREDIËNTEN

500 gram basmatirijst
2 eetlepels plantaardige olie
1 theelepel mosterdzaadjes
1 eetlepel Channa dal (Gele kekererwten.)
½ zoete ui, in fijne schijfjes
1 verse groene chilipeper, fijngesnipperd
1 takje curryblaadjes
½ theelepel kurkumapoeder
1,25 liter water
sap van 4 limoenen
gehakte verse koriander

Was de rijst onder een lopende koude kraan en laat 1 uur weken.
Verwarm de oven voor op 130 graden.
Neem een pan met dikke bodem en warm hierin wat olie op om de channa dal en de mosterdzaadjes in de te bakken. Wanneer de zaadjes beginnen te poffen voeg je de ui, chilipepers en curryblaadjes toe. Bak dit alles aan tot de ui glazig wordt en voeg dan het kurkumapoeder toe.
Giet nu water in de pot en breng dit aan de kook. Wanneer alles mooi pruttelt voeg je het limoensap en een snuifje zout toe. Giet nu ook de rijst bij het kokende water en zet op een laag vuurtje om verder te garen.  Wanneer het water het niveau van de rijst heeft bereikt (+/- 5 minuten) neem je de pot van het vuur en plaats je hem 10 minuten in de oven.

 

Als extra’tje (vergeten te fotograferen omdat de echtgenoot er al volop van aan het eten was) nog een receptje voor mangochutney! Heel belangrijk voor een lekkere chutney is de keuze van mango’s. Het moeten echt kookmango’s zijn en geen eetmango’s. Een goede mango om chutney mee te maken is stevig met wit vruchtvlees en lichtjes zuur.

 

INGREDIËNTEN

2 kookmango’s, geschild en geraspt
2 eetlepels plantaardige olie
1 theelepel komijnzaadjes
4 hele gedroogde rode chili’s
1 eetlepel fijngesneden gember
2 eetlepels blanke rozijnen
½ theelepel chilipoeder
200 gram suiker (eventueel meer om extra toe te voegen.)

Was en droog de mango’s goed, schil ze en rasp ze.
Warm de olie op in een steelpannetje op een middelmatig vuurtje. Voeg nu de komijnzaadjes en de rode chili’s (in hun geheel) toe en roer voor een paar seconden.  Voeg nu de rozijnen toe en laat ook weer een paar seconden meebakken. Dan voeg je de gerapste mango, de gember, het chilipoeder, het zout en de suiker toe. Meng alles goed door elkaar.
Deze mengeling moet tegen het kookpunt aankomen, van zodra alles begint te bubbelen verminder je het vuur onder de steelpan naar een laag vuurtje. Laat alles ongeveer 10 minuten pruttelen, controleer altijd eerst of de mango’s zacht zijn geworden. Indien ze na tien minuten niet mals zijn,  laat je ze nog eventjes verder stoven. Maar opgelet, de mango moet zacht zijn, maar niet tot moest gekookt zijn. Het is de bedoeling dat in je chutney stukjes mango terug te vinden zijn.

laat de chutney afkoelen in het steelpannetje, wanneer hij volledig afgekoeld is kan je hem in glazen bokaaltjes overgieten. Chutney bewaart net als onze Vlaamse confituur maanden in de koelkast.

Recept van de limoenrijst is gebaseerd op het recept van La Porte des Indes.

Indiase week: papadums

26 nov

Dus wat staat er al op tafel? Een lekkere curry en een begeleidende dipsaus. Maar je hebt natuurlijk iets nodig om in de dipsaus te dippen? Daarvoor zijn papadums heel geschikt! Maar en dat zeg ik er onmiddellijk bij uiterst moeilijk om te maken.  Vermits wij bijna tweewekelijks een curry op tafel toveren gebruik ik regelmatig gekochte papadums en eerlijk soms zijn ze lekkerder dan mijn zelfgemaakte. (Een tip voor diegene die niet zelf aan de slag willen. Papadums van Pataks zijn heerlijk! Ik koop ze in de Chinese wijk in Antwerpen of in Nederland, waar ze je gewoon bij Albert Heijn vind. De versie van Santa Maria vind ik jammer genoeg niet zo smakelijk en die laat ik dan ook links liggen!) Wat er nu net zo moeilijk is aan zelf papadums maken? Wel, in India worden deze broden minstens 2 dagen gedroogd in de zon. Hoe mooi het weer ook mag zijn het is hier gewoon niet warm genoeg om hetzelfde in Vlaanderen te doen. Mijn receptje gebruikt daarom ter vervangen een oven, maar jammer genoeg geeft dat niet dezelfde smaak.

INGREDIËNTEN

4 kopjes linzenbloem (Ik gebruikte hiervoor gewone koffiekopjes)
½ eetlepel komijnpoeder
½ eetlepel zwarte peper
Water (Begin met de bodem van het koffiekopje dat je gebruikt. Bijvoegen kan altijd nog!)

Meng alle ingrediënten samen in een kom. Voeg nu wat water toe en begin te kneden. Blijf water toevoegen tot je een soepel deeg krijgt. Voeg ook niet te veel water toe, want dan wordt je deeg te kleverig en kan je het niet meer bewerken. Hoe meer water je toevoegt hoe langer je papadums zullen moeten drogen in de oven.

Verdeel het deeg in een achttal kleine balletjes en rol deze op een geoliede ondergrond uit. (Dus niet bebloemen zoals bij normaal brood, maar inolieen. ) Verwarm de oven voor op 100 graden en bak de papadums voor ongeveer een uurtje. Neem ze er niet zomaar uit! Zoals ik daarnet al zei alles hangt af van de hoeveelheid water die je hebt toegevoegd. Voel dus even aan de broodjes voor je ze uit de oven neemt.  Voelen ze volledig droog aan? Dan mogen ze uit de oven en afkoelen. Eens ze volledig afgekoeld zijn kan je ze in een goed sluitende doos weken bewaren.

Maar je wilt ze natuurlijk heel graag direct opeten… en dat kan. Ofwel warm je wat plantaardige olie op in een hoge brede pan of warm je de frietketel op.  Wanneer de olie warm is leg je er een papadum per keer in. Je zal het brood zich volledig zien ontvouwen. Wanneer hij helemaal opgebloeid is, neem je ze uit het vet en laat je ze kort uitlekken. Nu zijn ze klaar om te serveren!

Indiase week: Raita

24 nov

Eergisteren deelde ik met jullie het receptje voor Rogan Josh, een lekkere curry. Maar bij een echte Indiase maaltijd horen natuurlijk bijgerechten.  Het eerste daarvan krijgen jullie vandaag, namelijk Raita.  Raita is een soort van dipsaus die vaak geserveerd wordt bij curries om de hitte van het gerecht een beetje te temperen.

INGREDIËNTEN

1 theelepel komijnzaadjes
½ theelepel chilipoeder
½ theelepel paprikapoeder
een snuifje suiker
200 ml griekse yoghurt
60 gram komkommer
1 rode ui
1 tomaat
een bosje korianderblaadjes (naar smaak)

Rooster de komijnzaadjes even in een droge pan en stamp ze in een vijzel fijn tot poeder. (Of gebruik kort je keukenrobot. )
Schil de komkommer en ontzaad hem. Snij nu zo fijn mogelijk en laat gedurende een half uurtje uitlekken in een zeef. Te vochtige komkommer zal ervoor zorgen dat de Raita te lopend wordt.
Snipper ondertussen de ui in fijne stukjes en ontzaad en ontvel de tomaat om ook in kleine blokjes te snijden.

Nu al het voorbereidende werk klaar is gaat het eigenlijk enkel nog over het mengen van alle ingrediënten bij elkaar. Laat de raita zeker een uurtje trekken in de koelkast en serveer hem zo gekoeld mogelijk.

Recept van de raita is deels gebaseerd op het recept van La Porte des Indes.

Ranch aardappelsalade

23 jul

Bij de zomer hoort BBQ en bij BBQ hoort voor ons althans aardappelsalade. Ikzelf ben meer voor een lekkere taboulé of een zuiderse pastasalade, maar de echtgenoot en vrienden zijn aardappelliefhebbers avant la lettre. Dus naast de klassieke gepofte aardappel met kruidenboter, staat er ook regelmatig aardappelsalade op ons bbq-menu’tje. Maar af en toe ben ik de oudegetrouwe aardappelen met mayonaise en bieslook een beetje beu. Daarom een iets andere aardappelsalade met dank aan Martha Steward, vaak een inspiratiebron voor klassieke ideeën met een iets andere twist eraan vast.

 INGREDIËNTEN

 450 gram nieuwe aardappeltjes (goed wassen zodat al het zand eraf is, maar de velletjes er nog aanblijven.)
125 ml botermelk
60 gram zure room
2 eetlepels mayonaisse
2 eetlepels fijngesnipperde groene kruiden (ik gebruikte een mengeling van platte peterselie, krulpeterselie, basilicum en munt)
½ theelepel fijngesnipperde tijm
1 teentje knoflook gepureerd
grof zeezout en zwarte peper

Kook de aardappelen in gezouten water tot je ze makkelijk met een scherp mesje kan doorprikken. (Afhankelijk van de grote van je aardappeltjes duurt dit 10 tot 15 minuten.) Intussen meng je in een grote slakom de botermelk, zure room, mayonaisse en de kruiden samen tot een romige dressing. Giet de aardappeltjes af en laat ze goed uitlekken. Meng ze daarna onder de sladressing. Doordat de aardappeltjes nog warm zijn nemen ze de dressing goed in zich op. Het allerlekkerste serveer je ze lauw met wat grof zeezout erover gestrooid.

Radijsjesstoemp

21 mei

Radijsjes zijn mijn redding sinds ik aan het afvallen ben geslagen. Ik neem elke dag naar het werk een half busseltje radijsjes mee en snoep ze tijdens de namiddag zonder enig schuldgevoel op. Radijsjes of knollekes zoals wij ze hier in Antwerpen noemen zijn heerlijk van smaak, lekker knapperig en prachtig van kleur. Deze stoemp is een lichtere versie van de Brabantse stoemp. Wil je de authentieke Brabantse stoemp? Vervang de zure room dan door echte Brabantse plattekaas! 

INGREDIËNTEN (voor 2 porties)

 400 gramgekookte aardappelen
1 bosje radijsjes
2 koffielepels light boter
Bieslook (veel bieslook!)
4 eetlepels zure room

Per persoon: 5 P

Hak de bieslook en de radijsjes fijn en stoof deze samen met een beetje radijsjesloof aan in de boter. Zeker niet te lang want de radijsjes met lekker knapperig blijven! Stamp de aardappelen ondertussen tot puree en schep daar de radijsjes en de zure room onder. Goed mengen en serveren met enkele takjes bieslook.

Patatas bravas light

18 mrt

Ik ben nogal fan van de zuiderse keuken en je doet me met niets meer plezier dan met een avondje spaans of grieks.
Tapa’s stonden bij ons dan ook heel regelmatig op het menu, maar “lijn-vriendelijk” zijn zo nu ook weer niet te noemen.
Het was dan ook een beetje zoeken en oefenen om de smaken van een lekkere patatas bravas goed te krijgen, maar met deze kan ik de missie meer dan geslaagd noemen.
Samen met een lekker varkenshaasje en een salade van postelein en radijsjes scoorde deze aardappeltjes hoge ogen.

INGREDIËNTEN

400 gram aardappelen
4 koffielepels olijfolie
3 tomaten
1 sjalot
1 eetlepel tomatenpuree
4 teentjes knoflook
2 koffielepels lichte bruine suiker
4 eetlepels magere mayonaisse (wij gebruiken effi 3% vet)
2 eetlepels patatas bravas kruiden (te krijgen bij oil and vinaigre)

 

POINTS WAARDE PER PERSOON: 8,5

 

Snij de aardappelen in blokjes en schik ze op bakpapier op een bakplaats. Besprek ze met twee koffielepels olijfolie en bestrooi ze met wat grof zeezout.
Rooster de aardappelblokjes ongeveer 30 minuten in een voorverwarmde oven op 180 graden tot ze goudbruin en gaar vanbinnen zijn geworden.

Maak een kruisje met een scherp mes in de kroontjes van de tomaten en leg ze ongeveer 20 seconden in kokend water. Koel ze daarna af in koud water en ontvel ze. Verdeel de tomaten in 8 partjes, verwijder de pitjes en snij ze grof in blokjes.
Snipper de sjalot en 1 teentje knoflook fijn en fruit deze aan in twee koffielepels olijfolie. Voeg dan de tomatenpuree en de tomatenblokjes toe. Voeg op het gevoel ook een scheutje water toe. (Niet te veel, zodat je geen lopende saus krijgt!) Laat dit een zevental minuten pruttelen op een zacht vuurtje. Voeg nu de suiker, peper en zout naar smaak en de patatas bravas kruiden toe. Vergeet zeker niet te proeven, wij houden van een goed pittige saus, dus wij gebruikte een beetje extra patatas bravas kruiden.

Meng ondertussen de magere mayonaisse met drie uitgeperste teentjes knoflook en mix dit goed door elkaar. (Als je de saus iets lopender wil, kan je altijd een scheutje yoghurt toevoegen.)

Haal de aardappeltjes uit de oven, overgiet met de tomatensaus en schep er dan de knoflooksaus over.

Pittige noedelsalade

25 feb

Bij het zoete varkensvlees serveerde ik een pittige noedelsalade. Een recept van Jamie Oliver uit zijn kookboek Jamie in 30. Wij vonden het pittige erg lekker als tegenhanger van het zoete vlees. En voor de liefhebbers kan het natuurlijk altijd een beetje pittiger door er een extra spaans pepertje in te verwerken.

INGREDIËNTEN

125 gram mie, ongekookt
50 gram cashewnoten
½ rode ui
1 spaanse peper
½ bosje koriander
2 eetlepels sojasaus
1 limoen
1 koffielepel sesamolie
2 eetlepels vissaus
2 koffielepels vloeibare honing

PRO POINTSWAARDE PER PERSOON: 12

Kookt de nestjes mie zoals aangegeven op de verpakking en laat ze daarna goed uitlekken.
Zet ondertussen een pan op een laag vuurtje en laat de pan warm worden. Sla de cashewnoten met een deegroller stuk en rooster de stukjes noot in de pan.

Schil de rode ui en doe hem samen met het spaanse pepertje en de steeltjes van de koriander in de keukenmachine. Hak dit samen fijn. (Je wil de consistentie van een salsa krijgen. Dus kleine beetje gare stukjes die niet vergaan zijn tot moes.) Meng de fijngehakte kruiden met de sojasaus, de sesamolie, het limoensap en de vissaus in een kommetje samen. Meng dit alles goed door elkaar en kruid bij met wat peper en zout. Voeg nu de gekookte en licht afgekoelde mie toe en meng alles goed door elkaar.

Roer de cashewnoten goed om en draai het vuur nu naar de hoogste stand. Giet er nu de honing over uit en schudt alles goed door elkaar. Bestrooi de noedelsalade met de gekarameliseerde nootjes en wat fijngesneden korianderblaadjes alvorens te serveren.

Supersimpel mango dessert

22 feb

Mango’s… voor mij is mango toch wel de meest vrucht die mij het meeste aan tropische stranden en de zomer doet denken. Als klein meisje werkte mijn vader nog veel voor Indische klanten en bracht hij met de regelmaat van de klok tonnen overrijpe mango’s mee naar huis. Kilo’s mango’s hebben we zo gegeten. En ik vergeet nooit meer mama’s overheerlijke mangosorbet die de laatste mango’s wegwerkte.
Deze keer geen sorbet echter… neen een lekker licht dessertje met mango en munt.

INGREDIËNTEN

2 mango’s
2 eetlepels poedersuiker
wat verse munt
½ limoen

PRO POINTSWAARDE PER PERSOON: 1,5

Snij de mango’s aan weerszijden van de pit doormidden. Snij het vruchtvlees van de helften ongeveer 2 centimer diep kruislings tot aan de schil. Keer de schil nu binnenstebuiten zodat de blokjes vruchtvlees aan de buitenkant zitten.

Leg de mango’s naast elkaar op een bord en zeef er de poedersuiker en de fijngehakte muntblaadjes over. Besprek met wat limoensap en dien op.

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

%d bloggers like this: